Leuke stukjes in studieboeken

maart 25, 2009

The first lymphoma was described by Thomas Hodgkin and this specific type has subsequently been named Hodgkin’s lymphoma. Thus, the main categories of lymphoma are

  • Hodgkin’s lymphoma and, with the wit and intellectual rigor for which pathologists are renowned,
  • Non-Hodgkin’s lymphoma.

~ Stevens, Lowe; Human Histology p. 144

Zomaar een sarcastische opmerking in een stukje heel serieuze tekst – soms vind je echt juweeltjes in je studieboeken.

Jullie ook?


Ditjes en datjes van de afgelopen tijd

maart 4, 2009
  • Het verschil tussen het sympatische en parasympatische zenuwstelsel ligt oa in de organisatie ervan en in de neurotransmitters
  • Gladde spieren hebben een ander mechanisme dat voor contractie zorgt
  • Bij een  chronisch te hoog glucose gehalte treedt er in wezen ‘karamelisatie’ op – glucose reageert met oa lipiden tot AGE’s die allerlei schade veroorzaken
  • Het blok dat ik nu heb, gaat ook over Circulatie ;) .
  • Luisteren met een stethoscoop is geniaal!
  • Bloeddruk opmeten is moeilijk! Ik laat dat manchet constant te snel leeglopen…
  • Blijkbaar kom ik heel zenuwachtig over tijdens gesprekken, terwijl ik het niet ben… Hm, moet toch iets aan te doen zijn?
  • Farmacologie is supergeniaal! En het uitschrijven van een recept is nog heel wat moeilijker dan je zou denken…

Jajaja, eigenlijk ben ik jullie een échte blogpost verschuldigd, dus die zal binnenkort ook wel komen. Tot zover in elk geval een kleine indruk van wat ik zoal heb gedaan ;) .


Er is hoop…

januari 28, 2009

Een nieuw semester betekent een nieuwe leergroep – maar ook een nieuwe semestercoördinator en nieuwe cursusblokken. YEAH!

De semestercoördinator lijkt me echt een geniale man. Hij raadde ons aan om de patiënt nooit uit het oog te verliezen – dat het ook gewoon een normaal mens is, en dat het dus heel goed is om je in die persoon te verdiepen. Vooral nu we nog niet op de uitvoering (behandeling, gesprekken) hoeven te letten, raadde hij ons aan om bijv. in de patiëntcolleges meer te vragen hoe iemand z’n ziekte nou beleefde. Over de klinische aspecten & de pathofysiologische aspecten kunnen we later nog meer dan genoeg leren – maar nu kunnen we ons nog volledig concentreren op de mens achter de patiënt. (overigens moet je dat later ook wel doen, maar het is dan toch lastiger, omdat je zelf constant bang bent dat je iets fout doet). Dus ja – de hele manier waarop hij sprak liet echt iets van wijsheid zien.

Het aanstaande cursusblok zal over de instandhouding van het fysiologisch evenwicht gaan en ik heb er nu al zin in! We hebben vandaag de eerste colleges gehad en ze waren erg interessant. Nouja, alleen de eerste dan – dat was van een intensivist die ons lekker probeerde te maken voor zijn vak (inclusief ‘vieze plaatjes’ van vleesetende bacteriën…). Het tweede college was allemaal herhaling, maar het voelt soms best goed om iets al te weten.

De nieuwe leergroep bevalt me tot nu toe ook wel – maar goed, ik heb ze nog maar één keer ontmoet, dus de tijd zal het leren of ik nu éindelijk in een groep met gemotiveerde mensen terechtgekomen ben!

Ik heb er in elk geval weer helemaal zin in. Dit blok wordt erg druk en moeilijk (schijnt) maar toch heb ik er zin in. YEAH!


Het geniaalste practicum ooit

december 7, 2008

Oké, ik geef toe, eigenlijk was het niet eens zó nuttig – ik heb er namelijk totaal niets van geleerd. Maar het was wél geniaal!

Het eerste deel bestond uit het invullen van een vragenlijst. Aan de hand daarvan zou een ‘persoonlijkheidprofiel’ worden opgesteld. Daarna moesten we om beurten onze hand in ijswater steken (dit in het kader van pijntolerantie) en kijken hoe lang je het vol kon houden.

De groep werd dus verdeeld in drieën en van elk groepje moest één iemand met de practicumleider mee naar de gang voor instructie.Vervolgens begonnen we met het ijswatergedoe – en ik moet bekennen dat het best heel goed te doen is. In het begin is het echt ijs en ijs koud – het doet gewoon ontzettend pijn en je wilt je hand er eigenlijk weer uithalen. Maar goed, de anderen houden het ook vol en jij wilt niet de eerste zijn – dus je houdt vol en je houdt vol en je houdt vol – tot de ergste stekende pijn afneemt en je hand nog wel pijn doet maar minder. En dan houdt iemand er opeens mee op en dan nog iemand – en ben je de enige – en vertelt degene die net op de gang is geweest dat je mag stoppen. Ik bleek mijn hand 5 minuten in het ijswater te hebben gehad! Mijn hand was dus helemaal verstijfd en verkrampt geraakt.

Na een tijdje was iedereen geweest (de meesten haalden de 5 minuten wel (of nét niet, er was er maar één die echt maar heel kort kon volhouden)) en kregen we de uitslag van de persoonlijkheidstest. Ik bleek ‘hoog’ te scoren en dus allerlei vervelende dingen in het vooruitzicht te hebben – al mijn vrienden kwijtraken, veel huwelijken die zouden stuklopen – dat was wel wat vreemd.

Toen de tweede ronde ijswater – weer 5 minuten. Het deed deze keer wel meer pijn – de pijn schoot echt door naar mijn bovenarm en voelde héél anders aan. Maar ook dit keer was ik er na een tijdje ‘doorheen’ en kon ik het daarna met gemak volhouden.

Uiteindelijk had iedereen dus ook de tweede ronde voldaan (dit keer was er maar één persoon die de 5 minuten niet haalde) en was het tijd voor de evaluatie. Wat bleek?

De vragenlijst en uitslagen waren nep – het was bedoeld om te testen of je na het horen van ’slecht nieuws’ minder of juist beter tegen de pijn zou kunnen. Helaas konden wij allemaal te goed tegen de pijn – blijkbaar was 5 minuten echt de maximale tijd (dat was dus ook verteld tegen de mensen op de gang) omdat je anders toch kans had op weefselschade enzovoorts. Daarna volgde nog wat lozigs over alle aspecten van pijn, wat ik die ochtend ook al in het boek had gelezen.

Het practicum zelf vond ik echter wel leuk gedaan. Het is altijd leuk om te weten hoe goed je tegen pijn kunt (het komt toch wel op jezelf neer – groepsdruk speelt ook wel een beetje een rol, maar als het echt ondragelijk is, kun je niet meer (mijn vorige record was dus 45 seconden!)) en ook om mee te maken hoe zo’n onderzoek werkt. Het is tenslotte wel een beetje schrikken als je zo’n vreemde uitslag krijgt ;) . Geniaal  dus – véél leuker dan verwacht.


De douglaszak

november 16, 2008

Laatst hadden we een fysiologiepracticum waarbij we in een Douglaszak moesten ademen en de lucht moesten analyseren voor een BMR (basal metabolic rate) bepaling. (klik hier voor een plaatje  – het is dus die zaktoestand waar de vrouw bij staat). Voor een BMR bepaling moet je echter lekker rustig en ontspannen zijn, en dus mochten we op de tafels liggen met een kussen onder ons hoofd.

Het was echt te grappig. Op een gegeven moment lag de halve groep (je werkte in tweetallen, de ander hield de tijd in de gaten) rustig in zo’n zak te ademen. Het is dan zo ontzettend stil in het lokaal – je hoort wat geruis van de computers die aanstaan, een paar piepjes van het analyse apparaat – maar verder heerst er een rustige vrede en kun je elkaar (als ‘tijdsbewakers’) af en toe toegrijnzen.

Wat ik me echter wel afvraag op zo’n stil momentje: denken ze nou serieus dat we hier dokters van worden? We worden geacht om enorme hoeveelheden informatie tot ons te nemen, waarvan de helft het ene oor in en het andere oor uit gaat – en zeker een aantal mensen niet eens de moeite neemt om überhaupt te leren.

En wat krijgen we voor onderwijs? Leuke (maar ook loze) proefjes, in totaal 4 uur practicum in de week, 4 uur college en 4 uur werkgroepen – en aan ons worden uiteindelijk levens toevertrouwd? Tja…


De schoonheid van het trilhaarepitheel

oktober 31, 2008

Bron: http://www.bu.edu/histology/p/13902ooa.htm

(die site is sowieso wel leuk voor histologiestudenten: http://www.bu.edu/histology/m/i_main00.htm)

De preparaten die ik vanmiddag heb bekeken waren niet zo mooi als deze, maar ook wel ontzettend mooi. Zodra ik enigszins representatieve plaatjes kan vinden zal ik mijn verslag van dit practicum posten – maar geniet nog even van dit mooie plaatje. Is het niet mooi? Al die cellen, zo complex en mooi gebouwd… Persoonlijk begrijp ik niet waarom mensen dit saai of nutteloos vinden.


Het mysterie ontsloten

oktober 29, 2008
(klik om te vergroten)
Plaatje komt uit Imaging Atlas of Human Anatomy

Je hebt vast wel eens zo’n eerste hulp reality TV serie gezien waarin een radioloog naar een thorax foto tuurde en vervolgens verklaarde dat de longen ’schoon’ leken. Als TV kijker zou je dus bijna de indruk krijgen dat dat het enige is wat je kunt zien op zo’n foto – of de longen al dan niet schoon zijn. Natuurlijk zie je de ribben – maar goed, ‘t is een röntgenfoto dus meer dan wat botjes zul je wel niet zien – of wel?

Gisteren had ik les van één of andere longarts die doodleuk allerlei aderen en longonderdelen aan kon wijzen in diezelfde ’simpele’ thorax foto. Ik zie het nog niet bij onze leerstof staan, maar uiteindelijk gaan we dat waarschijnlijk wel leren. Geniaal idee toch? Uiteindelijk zullen we zo’n plaatje leren begrijpen en kunnen onze geoefende ogen allerlei afwijkingen opsporen die voor de leek vrijwel onzichtbaar zijn… Geniaal gewoon.


Een avond op de universiteit

oktober 29, 2008

Gisteravond heb ik dan eindelijk mijn tentamens gemaakt. Ben zelf niet erg blij met het resultaat – een 6.8 (definitieve cijfer is nog niet binnen, maar de voorlopige antwoordenmodellen zijn er al wel…). Als ik nou wat minder had geleerd was ik er vast wel tevreden mee geweest, maar de afgelopen weken (min of meer vanaf het begin van het blok) heb ik minstens 15 uur naast de 12 uur college/werkgroepen geleerd. Gezien het feit dat ik ook zit met 2 uur reistijd heen-en-terug (die ik nu even niet meetel), betekent dat dus een hoop avonden leren in plaats van lui zijn – en ik had dus best lui kunnen zijn.

Het ‘ergste’ aan het hele gedoe vind ik nog wel dat het niet echt positief stemt over mijn toekomstige competentie als arts… Natuurlijk hebben we nog een hele lange tijd te gaan, maar als ik nu al ’slechte cijfers’ scoor op mijn tentamens omdat ik bepaalde anatomiestructuren gewoon ben vergeten (‘t zijn er ook net ietsje teveel om er in een week doorheen te rammen), hoe gaat het dan ooit zijn met patiënten? Zometeen vergeet ik een cruciaal feitje op een moment dat het leven van iemand op het spel staat!

Of moet ik gewoon leren wennen aan het feit dat cum laude geslaagd zijn geen garantie is voor het halen van hoge cijfers op de universiteit?

Tja. Het enige leuke aan ’s avonds tentamens hebben is dat het donker is als je klaar bent. Je kunt dan al die lichtjes zien, al die mensen die nog bezig zijn met dingen – terwijl jij lekker naar huis kunt gaan. Dat is toch wel een fijn idee – even een avondje vrij voordat de heisa van het volgende blok weer begint.


Ontdekkingen week 5&6

oktober 15, 2008
  • Bot LEEFT! Het is een dynamische massa zeg maar.
  • Anatomische kennis is ook in de praktijk supernuttig. Dat spreekt wel voor zich, maar het is interessant om zelf in een lichamelijk onderzoekpracticum te ervaren dat het toch echt wel nuttig is.
  • Het is niet altijd goed om ‘door je knieën’ te gaan bij het tillen van dingen. Het is beter de taak aan te passen dan de uitvoering.
  • Een kunstgewricht is vet zwaar! No way dus dat je dan weer ‘gemakkelijk’ loopt
  • Kinderen in het embryonale stadium hebben met 5-6 weken al zenuwen. Des te meer een reden om ‘pro life’ te zijn… (pro life betekent overigens ook ‘pro choice’ ;) . KUNNEN kiezen om je kind te behouden…)

Bloedprikken!

oktober 15, 2008

Nee, ik heb nog geen bescherming tegen hepatitis B – we mochten nog niet zelf bloedprikken. Maar vandaag heb ik een geheel nieuwe sensatie ervaren: voor de tweede keer in mijn hele leven is er bloed bij mij afgenomen.

De eerste keer was ik érg klein en ik kan me niet meer herinneren dan dat het een beetje pijn deed – de precieze sensatie was ik eigenlijk vergeten. Dus ja, wat let mij om een venapunctie te laten uitvoeren? Het is altijd grappig om er achter te komen hoe dat nu eigenlijk voelt…

Op mijn universiteit wordt over een paar maanden een groot onderzoek uitgevoerd – uh, een onderzoek onder en door eerstejaars. We hebben dus al veel dingen bij elkaar gemeten – lengte, gewicht, huidplooien, bloeddruk en hartslag vóór en na de steptest – enzovoorts. Maar ja, het is altijd leuk wanneer er wat meer dingen worden gemeten dan alleen de simpele dingen – en dus kun je ook je bloed laten onderzoeken.

Dat gebeurt gewoon door een laboratorium en door mensen die er verstand van hebben (in elk geval wel van bloedprikken) . Het is verder niet verplicht, dus als je niet wilt, hoef je ook niet.

Ik ben dus wel gegaan, en wel om de reden dat ik wel eens wil weten hoe dat bloedprikken nu precies voelt. Als arts moet ik misschien ook wel bloedonderzoeken ‘opdragen’ en het kan nooit kwaad om je in te kunnen leven in je patiënt, nietwaar?

Dus ja. Het voelde wel vreemd. Het was sowieso wel vreemd – je zit eerst even in een wachtkamer, je nummertje verschijnt op het display en je loopt zo dat laboratorium binnen. Vervolgens word je naar een kleiner ‘hokje’ gedirigeerd en ga je op zo’n vreemde stoel zitten. De leuningen staan al in de juiste hoek, precies zo dat je je arm er ontspannen op kunt neerleggen – en dan uh, gaan ze prikken. Eerst voel je een scherpe prik – het doet meer pijn dan de vaccinatie – alleen daarna voel je weinig meer. Je ziet het bloed in van die buisjes lopen – en dan halen ze de naald er uit, een pleister erop.

Het grootste ongemak was ná het prikken – ik denk dat er iets was met die pleister, want elke keer dat ik m’n arm bewoog voelde het alsof er haren uit mijn arm werden getrokken (en die heb ik daar niet, dus het kan gewoon niet). Ik verwijderde de pleister na een uur en het enige wat er nu nog rest is een klein roodachtig plekje.

Dus ja. Het was wel grappig en absoluut ‘aan te raden’ om eens mee te maken.